Sporen van sporen: de abstracte beeldtaal van Rudy Lanjouw

De non-figuratieve schilderijen van Rudy Lanjouw geven carte blanche aan de verbeeldingskracht van de kijker. Tegelijk tonen zijn doeken sporen van uiteenlopende experimenten naar de basiselementen van de schilderkunst. Lanjouws doorgedreven onderzoek naar vorm, kleur, textuur, materiaal en techniek resulteert steeds in een abstracte compositie en lijkt de relatie met de werkelijkheid te verbreken. Centraal staan diverse geometrische vormen en een opmerkelijke aandacht voor lijnen typeert zijn werk. De negatieve ruimte van de beeldelementen getuigen evengoed van verschillende formele analyses.

 

Achter de schilderijen van de kunstenaar schuilt een fascinatie voor sporen. Als kind werd zijn fantasie geprikkeld door de vondst van een Romeinse schat in de bodem van zijn geboorteplaats Beilen. Ook de gronden van Assen, de stad waar Lanjouw momenteel woont en werkt, onthulden verschillende relicten zoals Drentse Hunebedden en veenvondsten, respectievelijk uit het neolithicum en de ijzertijd. Ook efemere sporen, zoals voetafdrukken op het stand of olifantenpaadjes in een natuurgebied, inspireren de kunstenaar om abstracte composities te maken. Impressies resoneren op een subtiele manier doorheen zijn artistieke praktijk en laten ons vaak denken aan landkaarten of plattegronden.  

 

Het oeuvre van Lanjouw wordt eveneens gestuwd door vormloze sporen. Tijdens het creatieproces is een belangrijke rol weggelegd voor muziek. Het onzichtbare en vluchtig medium is de verbindende factor tussen de vormelijke experimenten en de indrukken van het verleden. De symbiose van de drie elementen uit zich uitdrukkelijk in de ritmering van de abstracte motieven op het canvas. Het geheel verbreekt het statisch karakter van de schilderkunst en houdt de blik van de kijker in haar greep. Lanjouws niet-aflatende aandacht voor diverse uitingsvormen van het spoor geeft zijn schilderkundig corpus om die reden een eigenzinnige en zelfreflectieve wending.